2 november 2016
Onderwerpen: Belasting MKB Personeel Advies

Misbruik van ‘Verklaring geen privégebruik auto’

De werknemer moet achteraf op verzoek aan de Belastingdienst kunnen bewijzen dat hij daadwerkelijk niet meer dan 500 kilometer privé in de auto heeft gereden. Maar wat gebeurt er als de werknemer dit niet kan? Welke stappen gaat de Belastingdienst dan ondernemen?

Controle

Allereerst zal geconstateerd moeten worden dat de werknemer mogelijk onterecht een ‘Verklaring geen privégebruik auto’ heeft aangevraagd en heeft laten toepassen door zijn werkgever. Dit kan het gevolg zijn van een belastingcontrole die plaatsvindt bij de werkgever naar de loonadministratie. Of dit kan het gevolg zijn van vragen die door de Belastingdienst aan de werknemer zijn gesteld naar aanleiding van zijn aangifte inkomstenbelasting. Mogelijk is de werknemer gesignaleerd met de auto bij locaties die meestal privé worden bezocht.

Bewijs

Als de fiscus het vermoeden heeft dat de werknemer ten onrechte geen bijtelling heeft voor zijn auto van de zaak, zal de werknemer eerst de mogelijkheid worden gegeven om uitleg te geven. Bijvoorbeeld over waarom hij in het weekend met zijn auto van de zaak bij een pretpark was. Mogelijk blijkt uit zijn kilometeradministratie dat hij ondanks dit pretparkbezoek niet meer dan 500 privékilometers op jaarbasis heeft gereden. Zijn kilometeradministratie kan de werknemer ondersteunen met bijvoorbeeld benzinebonnen en garagenota’s waaruit dezelfde kilometerstanden blijken. Overigens mag de werknemer het niet-overschrijden van de privékilometergrens ook op een andere manier dan via een rittenregistratie overtuigend bewijzen.

Naheffing

Blijkt de werknemer niet in staat te zijn om een sluitende kilometeradministratie aan te leveren (of ander bewijs), dan zal de fiscus een naheffing loonheffingen opleggen voor het privégebruik van de auto van de zaak. Er wordt dan van uitgegaan dat de werknemer wel meer dan 500 privékilometer met de auto van de zaak heeft gemaakt, en er dus onterecht niet is bijgeteld. Deze naheffing zal in principe voor rekening komen van de werknemer. De werkgever is immers vrijgesteld van dit risico doordat hij de bijtelling achterwege heeft gelaten op grond van de ‘Verklaring geen privégebruik auto’ van de werknemer.

Aansprakelijkheid werkgever

Het is echter niet altijd zo dat de werkgever door de Belastingdienst niet aansprakelijk wordt gehouden voor het tekort aan ingehouden en afgedragen belastingen en premies. Als het de werkgever duidelijk had behoren te zijn dat de werknemer zijn auto ook voor privéritten gebruikte, kan ook de werkgever aansprakelijk worden gehouden voor de naheffing. Bijvoorbeeld omdat de werknemer eerder in het jaar met zijn leaseauto privé reed en vervolgens voor de resterende maanden in hetzelfde jaar geen bijtelling wil toepassen op basis van een ‘Verklaring geen privégebruik auto’.

Sanctie

Bovenop de naheffing voor de te weinig ingehouden loonbelasting/premie volksverzekeringen en te weinig betaalde premies werknemersverzekeringen en werkgeversheffing Zorgverzekeringswet zal de Belastingdienst de werknemer ook belasten met een flinke boete. 

Sinds 2014 bedraagt deze bij een eerste verzuim € 3.930. Indien de werknemer al eerder onterecht gebruik heeft gemaakt van de ‘Verklaring geen privégebruik auto’ kan de boete zelfs oplopen tot € 4.920. Dit bedrag komt dus bovenop de naheffingsaanslag loonheffingen. Verder kan de Belastingdienst de naheffing verhogen met heffingsrente of belastingrente.

Bron: Rendement

Terug